Quedlinburg

6 en 7 juli 2025

Quedlinburg ligt in de deelstaat Saksen-Anhalt tussen de steden Blankenburg, Thale en Aschersleben. De stad telt ongeveer 23.000 inwoners en staat bekend om zijn middeleeuwse vakwerkhuizen met een skeletstructuur van hout. Zo’n 1300 oude panden, die een bouwgeschiedenis vertegenwoordigen van maar liefst 500 jaar, verkeren tot op de dag van vandaag in uitstekende staat. Dat alleen al is een bezoek waard. Vlakbij het historische centrum zijn enkele parkeerterreinen die ook plaatsen voor campers hebben. Ik kies voor het gloednieuwe terrein Lehof Caravan & Camping, buiten het centrum, omdat er zowel sanitaire voorzieningen zijn voor mens als camper.

De geschiedenis van Quedlinburg gaat ver terug in de tijd. Al in de tiende eeuw wordt de stadsnaam vermeld in historische geschriften. De allereerste Duitse koning Hendrik I maakte hier zijn regeringsstad. De stad ontwikkelde zich langzaam tot een bloeiend handelscentrum. De driestedenband die in 1326 afgesloten werd met Aschersleben en Halberstadt speelde hierbij een belangrijke rol in. Tijdens de Dertigjarige Oorlog tussen 1618 en 1648 was Quedlinburg een relatief veilige stad en dat zorgde voor een ongeziene economische groei. De meeste vakwerkhuizen dateren uit die tijd. Ook tijdens de meer recente geschiedenis bleef het historisch centrum gespaard van vernietiging. De bombardementen van de geallieerden troffen Quedlinburg nooit. Daardoor stonden alle vakwerkhuizen nog recht. Na de Tweede Wereldoorlog maakte de stad deel uit van de DDR. Door gebrek aan geld raakten vele huizen in verval, maar ze werden gelukkig niet afgebroken. Na de hereniging met West-Duitsland begon een grootschalig renovatieproject. Het middeleeuws centrum werd in 1994 toegevoegd aan de Unesco Werelderfgoedlijst.

Het centrale marktplein is een goed startpunt voor een stadswandeling. Hier staat een van de oudste, nog bestaande stadhuizen van Duitsland. Het gebouw duikt al in 1310 op in geschiedkundige geschriften als stadhuis en het bekleedt die functie nog steeds. Zowel in de zeventiende als de negentiende eeuw werden er ingrijpende renovaties uitgevoerd waardoor het oorspronkelijke uiterlijk veranderde. De vroegere gotische spitsboogramen werden vervangen door rechthoekige exemplaren waardoor er een vleugje renaissance toegevoegd werd. De voorgevel is bijna volledig bedekt met wilde wijnstokken. De bloembakken bij de ramen zorgen voor een kleurrijk effect. Op het “bruisende” marktplein, zijn verschillende horecazaken gevestigd in oude panden. Ze sluiten de deuren bijna allemaal tegelijk rond 18.00 uur en van het levendige plein schiet plots niets meer over. Dat heeft ook een voordeel want er loopt niemand ongevraagd voor de camera.

Het stadhuis van Quedlinburg

Omdat koffie drinken en taart eten niet meer kan na 18.00 uur, ga ik op zoek naar andere historische vakwerkhuizen. Dat is niet zo moeilijk. In de Breite Straße stuit ik op het gildehuis Zur Rose uit 1612. De donkerrode, rijk versierde gevel, is een opvallende constructie in het straatbeeld. Het pand werd ooit bewoond door niemand minder dan componist en muziektheoreticus Andreas Werckmeister die later van invloed was op componisten zoals Johann Sebastian Bach. Het vakwerkhuis wordt niet meer privé bewoond. Het wordt bij speciale gelegenheden zoals open monumentendag opengesteld voor publiek.

Gildehuis Zur Rose

Om meer te leren over vakwerkhuizen is het Vakwerkmuseum in de straat Wordgasse de aangewezen plek. Een plotse regenbui drijft me ernaartoe. Het museum is gevestigd in een van de oudste (en kleinste) vakwerkhuizen van Quedlinburg. Het gebouw dateert uit 1310 en telt twee verdiepingen. In het huis staan een aantal maquettes van vakwerkhuizen en hun skeletten. De infoborden over de werkwijze zijn jammer genoeg alleen in het Duits en daar begrijp ik niet zoveel van. Op de tweede verdieping steekt plots een “dronken” gevoel de kop op. De schots en scheve vloer zit hier ongetwijfeld voor iets tussen. Bouwvakkers hadden in de veertiende eeuw waarschijnlijk nog geen waterpas op zak.

Het vakwerkmuseum
Let op de vloer van het vakwerkmuseum

In de pittoreske straat Finkenherd staan drie vakwerkhuizen naast mekaar te pronken. De huizen met opvallend hoge en steile daken werden rond het jaar 1500 gebouwd. De legende vertelt dat de Saksische hertog Hendrik hier in 919 het koningschap kreeg aangeboden terwijl hij vogels aan het vangen was. Een klein infobord maakt melding van deze gebeurtenis.

Finkenherd-straat

Vanaf deze plaats is de opvallende Slossberg met kasteel Quedlinburg makkelijk bereikbaar. Deze heuvel wordt beschouwd als de echte stadskern. Het kasteel werd gebouwd door Hendrik I en hij ligt er samen met zijn tweede vrouw Matilde begraven. Momenteel zijn er grote renovatiewerken bezig. Naar boven gaan via de trappen kan wel, maar zowel de kerk als het kasteel blijven voorlopig verboden terrein voor bezoekers.

Er blijven in Quedlinburg nog opvallend veel resten zichtbaar van de vroegere omwallingen. De Schrekkensturm is zo’n voorbeeld. Deze middeleeuwse, veertig meter hoge verdedigingstoren, was onderdeel van de stadsvesting. Het gebouw bestaat uit vijf verdiepingen en de muren zijn bijna twee meter dik. Oorspronkelijk werd de constructie gebruikt als gevangenis en martelkamer. De toren is al ettelijke generaties in particulier bezit. Het zijn nu moderne vakantiewoningen met een luguber verleden.

De Schrrekkensturm

Op de terugweg naar de camperplaats staat nog een opvallend vakwerkhuis in roze kleur in de Steinweg-straat. Het huis telt drie verdiepingen en werd gebouwd door meestertimmerman Andreas Beesen in 1683. Tot 1904 was het gebouw eigendom van brouwerij Glückauf. Op de benedenverdieping was een restaurant. Toen het pand begon te vervallen, verkocht de brouwerij het aan de stad die het grondig renoveerde. Er zouden nu winkelpanden moeten zijn, maar die kan ik niet ontdekken.

Het voormalige beursgebouw

Wie geïnteresseerd is in geschiedenis en architectuur, kan zich hier nog een paar dagen langer bezig houden. Er is immers nog veel meer te zien. De laatste dagen waren te kort en te regenachtig. Zo liet ik tientallen historische gebouwen, het hele kerkenpatrimonium en verschillende musea volledig links liggen. Vermits de meeste panden al zoveel eeuwen overleven, komt er wellicht nog een volgende kans…

Een gedachte over “Quedlinburg

Plaats een reactie